Johann David Zocher sr. (1763 – 1817)

Johann David Zocher sr. is in 1763 geboren in Thurgau, Saksen (Dld.). Met zijn ouders woont hij enige tijd in Straatsburg voordat het gezin in 1780 naar Nederland verhuist en zich in de buurt van Haarlem vestigt. J.D. Zocher sr. treedt in Nederland in dienst bij Johan Georg Michael, een eveneens in Duitsland geboren hovenier en architect. Een van J.D. Zocher sr.’s vroegste ontwerpen is de aanleg van buitenplaats Oosterbeek te Wassenaar, die door hem vanaf 1783 wordt omgevormd in landschapsstijl.

Naast baas en leermeester wordt J.G. Michael in 1788 ook Zochers schoonvader, als J.D. Zocher sr. trouwt met Michaels dochter, Maria Christina. Een jaar later, in 1789, wordt J.D. Zocher sr. als enige architect lid van het St. Lukasgilde in Haarlem, waardoor hij zelfstandig opdrachten kan gaan aannemen. Dit is de start van een glansrijke carrière als zelfstandig tuinarchitect met sinds 1802 een eigen kwekerij en enterij. Bekend is dat J.D. Zocher sr. zich rond 1806 in Vrijmetselaarskringen begeeft. In 1806 komt Johan David Zocher voor als lid van de Amsterdamse loge “la Charité” en onder zijn opdrachtgevers zijn ook vrijmetselaars.19 In dat jaar scheidt J.D. Zocher sr. van zijn vrouw. In 1807 wordt hij door Lodewijk Napoleon tot hofarchitect benoemd. Hij werkt onder supervisie van de Franse architect en “controleur de nos bâtiments” Jean Thomas Thibault en de Intendant General G.W.J. van Lamsweerde, die de verantwoordelijkheid voor de tuinen droeg. In dienst van de koning werkt J.D. Zocher sr. aan prestigieuze projecten zoals de aanleg van de tuinen van Paleis Soestdijk, Huis ten Bosch en Amelisweerd. Als Holland in 1810 wordt ingelijfd door Frankrijk vervalt J.D. Zochers status van hofarchitect en raakt hij financieel in de knel, waardoor hij bij het gemeentebestuur van Haarlem uitstel van betaling moet aanvragen. Hij blijft in deze periode opdrachten aannemen en werkt aan de parken van Biljoen, Renswoude, Broekhuizen, Huis den Bildt en het park achter Paleis Soestdijk. Deze laatste opdracht loopt door onder koning Willem I. Tijdens werkzaamheden bij dit laatstgenoemde paleis in 1817, overlijdt hij plotseling op 54-jarige leeftijd.

Eén van de ontwerptekeningen van J.D. Zocher sr. voor de buitenplaats Meer en Berg in 1794. Linksonder staat het hoofdhuis schetsmatig aangegeven

Als basis zijn de geometrische vormen van de aanleg in het zwart / grijs weergeven met daar overheen het ontwerp van J.D. Zocher sr. Door deze lijnen is zichtbaar in welke mate sr. de geometrische aanleg opnam in zijn ontwerpen. Met name de globale contouren van de waterpartijen en de centrale zichtas vanaf het hoofdhuis zijn in beperkte mate bewaard gebleven.

Coll. Noord-Hollands Archief, inv. nr. NL- HlmNHA_3862_518_001

Studieontwerp voor een reorganisatie van het Haarlemmerhout door J.D. Zocher jr. in 1809. Het onderste gedeelte in landschapsstijl is opnieuw ontworpen.

Coll. Noord-Hollands Archief, inv. nr. NL-HlmNHA_51000742

Werkwijze en ontwerpstijl

J.D. Zocher sr.’s ideeën over tuin- en landschapsarchitectuur zullen beïnvloed zijn door zijn oom Christian Friedrich, die in Duitsland Kunst- en Lustgärtner was, en door zijn schoonvader en leermeester Johan Georg Michael. Deze had vermoedelijk een studiereis gemaakt naar Engeland en had daar kennis genomen van nieuwe opvattingen over tuinarchitectuur. Die nieuwe opvattingen resulteerden in de opkomst van de landschapsstijl, waarin het beleven van de natuur en het ideaalbeeld van een arcadisch landschap een centrale rol speelden. J.D. Zocher sr.’s ontwerpen, met hun kleinschaligheid, slingerpaden, afwisseling van licht en donker en boom- en heestergroepen zijn kenmerkend voor de zogeheten vroege landschapsstijl. Typerend voor sr.’s ontwerpen is dat de voorgaande veelal geometrische aanleg nog door zijn nieuwe aanleg heen schemert. Dat hij een exponent is van de vroege landschapsstijl blijkt uit zijn gebruik van de geometrische vormentaal, zoals cirkels in zijn vrij nadrukkelijk aanwezige paden in de parkaanleg. De bochten ontwerpt hij met zo’n zuivere kromming dat hij ze moet intekenen met behulp van een passer, waarvan de gaatjes vaak nog in de originele ontwerptekeningen zijn terug te vinden.

Download de volledige publicatie